18-09-17

‘Die witte sokken daar word je nu mee van straat gehaald!’

In dit jubileumjaar is Friends in Business nadrukkelijk op zoek naar zijn roots. In het voorwoord van deze editie legt hoofdredacteur Jan Dirk Stouten uit dat dit magazine oorspronkelijk Feyenoord Friends in Business heette. Die titel werd razendsnel geneutraliseerd toen bleek dat veel havenbaronnen uit die tijd overtuigde Spartanen waren. Maar ondertussen was Feyenoord-speler Keje Molenaar al de eerste coverboy geweest.

Hoe kwam je op die cover terecht?
‘Ik herinner me nog goed dat mijn ploeggenoot Sjaak Troost en journalist Jan D. Swart het initiatief hadden genomen voor een blad dat in eerste instantie alleen was gericht op de zakenmensen rondom Feyenoord. Sjakie vroeg me kort daarna als model voor die coverfoto. En ik weet bijna zeker dat die foto toen is gemaakt door Bennie Wijnstekers…’

Sjaak Troost zei: ‘We hebben gewoon de minst lelijke speler gevraagd…’
‘Nou, eerlijk gezegd vond ik dat Joop Hiele er het best uitzag. Die was knapper dan ik, toendertijd. Joop voelde zich ook wel behoorlijk gepasseerd, hoorde ik later en ik kan met terugwerkende kracht niet anders zeggen dat dat hij gelijk had.’

Wat zie je nu op die foto?
‘Ik was toen 29… Dat pak is niet echt op maat gesneden hè?! Een veel te groot pochet! En die witte sokken! Nu word je ermee van straat gehaald, maar dat was toen top of the bill.’

Sjaak Troost zei over jou nog dat hij je weleens op de achterbank van je auto had zien studeren, terwijl jullie twee uur later moesten spelen.
‘Dat zou best kunnen. In mijn Feyenoord-tijd zat ik in de eindfase van mijn rechtenstudie. Dus ik zat tot ’s avonds laat en soms tot diep in de nacht te studeren. Ik heb altijd alles in één keer gehaald, meestal met topcijfers ook. We hadden destijds een kleine fitnessruimte in de Kuip. Die kon ik afsluiten. Dan zette Lou Martens alles voor me klaar en bracht tussendoor koffie. Die vond het prachtig dat ik studeerde. Die zorg ontroert me nu nog….’

Maar er waren ook spelers die zich er aan stoorden…
‘Ja, dat klopt, maar je weet ook hoe dat in zo’n kleedkamer gaat. Je prestaties op het veld bepalen hoe veel krediet je hebt. Fred Blankemeijer heeft me later nog wel eens gezegd: je was natuurlijk niet 100 procent met dat voetbal bezig, maar je stónd er wel altijd. Ik ben 3,5 jaar bij Feyenoord geweest en heb maar heel weinig wedstrijden gemist. Blankemeijer gaf ons toen elke wedstrijd een cijfer. Na die 3,5 jaar scoorde ik gemiddeld een zeven…
Ik had het voor mezelf juist nodig. Wat is er nou beter dan ’s ochtends volop te trainen en daarna lekker te studeren? Er was overigens ook wel respect voor wat ik deed, hoor. En als ik wat zei in de kleedkamer, werd er vaak wel geluisterd.’

Ik stond in het oprichtingsjaar van Friends in Business, op 12 april 1987, op vak S in De Kuip bij het polletjesincident met Hans van Breukelen. Vind je het vervelend om daar altijd maar weer aan herinnerd te worden?
‘Nee joh! Elke keer als Hans weer in het nieuws is, kan je er op wachten dat dat fragment weer boven water komt. Normaal zou Mario Been trouwens die vrije trap hebben genomen, maar die was geschorst…’

Tegenwoordig is Feyenoord een strak geleid bedrijf. Hoe was dat toen?
‘Veredeld amateurisme! Op z’n janboerenfluitjes. Drie mensen op de administratie, een bestuur met vrijwilligers en Feyenoord bestond uit allerlei stichtingen die elkaar bijna naar het leven stonden.’

Is dat een van de redenen waarom Ajax in de afgelopen 50 jaar zo veel succesvoller was dan Feyenoord?
‘Zeker niet! Bij Ajax was het precies zo! De voorsprong van Ajax in die tijd zat in de opleiding van spelers. Dat is nu door Feyenoord en PSV ingehaald, maar toen kwamen er bij Ajax talenten door, die zal ik in dit Rotterdamse magazine niet noemen. Overigens kijkt Feyenoord heel anders naar Ajax dan Ajax naar Feyenoord.’

Hoe dan?
Toen ik bij Ajax speelde, was Feyenoord-uit gewoon een heel mooie klassieker. Niks van haat of móeten winnen om het seizoen glans te geven. De eerste keer dat ik met Ajax in de Kuip kwam, was de wedstrijd van de sneeuwbal op het oog van Wim Jansen. 7 december 1980. Ik dacht: wat ís dit? Die agressie hebben ze in Amsterdam totaal niet ten opzichte van Feyenoord. Ik spreek Sjaak Swart elke dag. Als wij het over Feyenoord hebben, valt er nooit een onvertogen woord. Hij snapt ook totaal niet waarom wij niet samen naar Feyenoord-Ajax kunnen. Als je als club verder wilt komen, moet je gewoon stoppen met dat underdog zijn.’

Hoe was het om met Wim Jansen samen te spelen?
‘Nou, Wim is als mens zó bescheiden. Terwijl hij zó goed kon voetballen. Ik heb in die twee jaar dat ik met hem bij Ajax speelde meer geleerd dan in de twintig jaar daarvoor. Hij zei nooit veel, maar elk woord was altijd raak. Een indrukwekkende man. Ik ben enorm op ‘m gesteld.’

Hoe kijk je naar het huidige succes van Feyenoord?
‘Dat kampioenschap heeft Feyenoord echt verdiend. Ik vond Ajax in het afgelopen seizoen heel goed. En ook effectief, kijk maar naar het aantal punten. Als je daar bóven eindigt: chapeau! Fantastisch!’

Kan dat uitgroeien tot structureel succes?
‘Wat ze vroeger niet hadden en nu wel, is een goede jeugdopleiding. Oók weer een verdienste van Wim Jansen. Daar moeten ze hun beleid op blijven baseren. Zo wilde Cruyff dat bij Ajax en zo zal Wim dat bij Feyenoord willen. Een transfer is altijd een gok, doorstroming van je eigen jeugdspelers is beleid.’

Sjaak Troost wist niet meer of hij je had betaald voor die coverfoto…
‘Ik weet het wel! Helemaal niks! We waren toen helemaal niet zo met geld bezig. We verdienden wel wat hoor, maar ik heb het, ook bij Feyenoord, gewoon ontzettend naar m’n zin gehad.’

Meer nieuws