22-01-18

Patat-DNA als missie

Even een Brammetje halen bij Bram Ladage. Het zijn household names geworden in de 50 jaar dat de, van origine Rotterdamse, frietketen inmiddels bestaat. Je zou bijna vergeten dat de gelijknamige oprichter nog gewoon in leven is en zelfs regelmatig incognito plaatsneemt in de rij voor één van zijn winkels.

Interviews geeft Bram (68) zelden, maar voor een terugblik op het gouden jubileumjaar in Friends in Business maakt hij graag een uitzondering. Zijn opvolgers, zoon Wesley (40) en neef Rocco (51) schuiven ook aan. ‘Het doorvoeren van ons Patat-DNA is onze hoofdmissie.’

Jullie verkopen Brammetjes alsof het een kleine versie van uzelf betreft. Een gekke gewaarwording, lijkt me.

Bram: ‘En dan te bedenken dat ik dat niet eens zelf bedacht heb. Onze klanten kwamen daarmee aanzetten, vervolgens ging het van mond op mond en inmiddels weten we niet beter. Toen we zagen dat die benaming goed werkte, hebben we het geadopteerd waarna mijn zoon en neef het verder uitbouwden. Bij de Burger King haal je een Whopper, bij de Mc Donalds een Big Mac en bij ons een kleine, middelgrote of grote Bram.’

 

Oudere generaties kennen u nog uit de beginjaren op de markt maar hoe zit dat met de jongeren van nu?

Bram: ‘Die weten soms niet eens dat Bram Ladage ook echt een persoon is. Zo nu en dan ga ik incognito in de rij bij één van mijn winkels staan en dan is het wachten tot een medewerker achter de balie mij in de gaten krijgt. Dan zie ik ze fluisteren: Bram staat voor de kraam. Ik geef nooit op- of aanmerkingen op de manier van werken, tenzij ze het extreem goed of extreem slecht doen. Dan laat ik wel eventjes van me horen. Ik vind het altijd heel belangrijk dat verkoopmedewerkers oog houden voor het publiek dat voor hen staat. Dus niet met elkaar gaan staan praten maar de mensen bedienen. Ook keihard ingaan tegen mensen met een andere mening is uit den boze. Dat heeft geen enkele zin. Als iemand denkt dat hij of zij aan de beurt is en ze beginnen dat echt te schreeuwen, nou, dan zijn ze toch aan de beurt. Simpel.’

 

En dat terwijl u zelf ooit luidkeels begonnen bent

Bram: ‘Dat moest ook wel, want ik wilde in 1967 mijn plekje op de markt veroveren, naast de op dat moment al bestaande frietkramen. Dat betekende dus boven het geluid van de bloemenman uit proberen te komen die op zijn beurt z’n rozen en tulpen aan de man probeerde te brengen. Daarnaast probeerde ik er altijd wel een beetje theater van te maken, want ook dat is Bram Ladage. Servetjes als een slinger ophangen en een stuk of 25 kroketten en frikadellen opstapelen tot een torentje, dan leek het tenminste nog wat. In mijn eerste week eindigde ik ’s avonds steeds met maar een gulden of achttien, totdat de omzet na een paar weken zodanig steeg dat ik eindelijk winst maakte.’

 

U bouwde snel naamsbekendheid op, totdat een brand begin jaren tachtig uw hele kraam in de as legde…

Bram: ‘Een heftige periode, ook omdat ik zelf behoorlijke brandwonden opliep. De slang van een gasfles was gaan lekken en veroorzaakte binnen de kortste keren een enorme vlammenzee. De brand was echter nog niet geblust of ik dacht bij mezelf: Vervelend, maar morgen moet ik wel weer open. En vrij snel is me dat ook gelukt. Zaterdag fikte de hele tent af en dinsdag was ik weer open. Met een paar flinke stappen terug in de tijd, dat wel. Op een oud aanhangwagentje plaatste ik oude ovens die ik met staalborstel weer had laten blinken. Olie erin en bakken maar weer! Ik ben na dat ongeluk nog alerter geworden en ben dankbaar voor alles wat ik daarna heb bereikt. De successen maar ook de grappige momenten, zoals een zwerver die stiekem een hele rol papier onder mijn zeiltje meepikte. ‘‘Tja, anders heb ik geen toiletpapier’’, riep hij. Nou, neem maar mee dan, haha. Daar kan ik nu op teren…’

Ínmiddels zijn we 50 jaar verder en u bent met pensioen. Mist u het werk?

Bram: ‘Ik sta nu al een jaar of zeven niet meer in de winkel, dus ik ben het gevoel met de werkvloer wel een beetje kwijtgeraakt. Maar missen doe ik het absoluut niet. Ik ben ook niet van de ene op de andere dag gestopt maar heb geleidelijk afscheid genomen met het geluk dat ik de boel kon overdragen aan mijn zoon en neef. Daardoor kan ik me er af en toe nog tegenaan bemoeien. Maar mijn vrije tijd nu is ook erg belangrijk. Ik heb altijd veel gesport. Surfen, tennissen, fietsen en paardrijden. Daar kom ik nu nog meer aan toe. Of pingpongen. Bij de entree van ons hoofdkantoor staat een grote pingpongtafel, cadeau gekregen van franchisenemers en medewerkers.’

Wesley en Rocco, herkennen jullie jezelf in de oude meester?

Wesley: ‘Ik ben natuurlijk dag en nacht met mijn vader opgegroeid dus het is er bij mij echt met de paplepel ingegoten. Zeker tot mijn 21e ging het thuis voor mijn gevoel altijd over de zaak. Daarna konden we het wat meer loslaten maar omdat ik op dat moment ook voor mezelf begon, in de Hoogstraat, stelde ik het alsnog op prijs met pa te kunnen sparren als dat nodig was.’
Bram: ‘Dan had hij overdag gescoord als een idioot en kwam ik als perfectionist ’s avonds nog met puntjes van kritiek. Dat had ik best minder kunnen doen en daar heb ik tot op zekere hoogte ook wel spijt van. Toch is het fijn om te zien hoe die jongens zich nu met hart en ziel voor de zaak inzetten en mij er soms ook nog bij betrekken. Dat maakt het makkelijker afstand nemen. Had een onbekende de zaak overgenomen, dan had ik een zak geld gekregen en hier nooit meer binnengestapt.’
Rocco: ‘Onze kinderen zijn nog te jong of op andere vlakken actief, maar mijn schoonzoon is wel werkzaam binnen het bedrijf. Daarnaast heeft Bram zelf nog voor een tweede leg gezorgd, dus wie weet wat zij in de toekomst nog gaan doen. Maar wat dat ook is, zolang ze hun passie maar volgen. Bij ons in de winkel, op de administratie- of marketingafdeling of in een ander bedrijf, daarin zijn ze helemaal vrij.’

 

 

Waar staat Bram Ladage anno 2018?
Wesley: ‘We hebben een fantastisch jubileumjaar achter de rug dat begon op 10 april 2017 met een eerbetoon van de wethouder in het stadhuis en mooie woorden van Dirk Kuyt in De Kuip, en tot en met 9 april van dit jaar kan iedereen op zijn verjaardag een gratis zak patat komen halen.’

Rocco: ‘We denken zelfs na over een verlenging want het is echt een supergave actie gebleken. Het is nu eerst overleggen met alle franchisenemers afzonderlijk hoe zij daar in staan, maar wat mij betreft gaan we ermee door.’

 

Eén van die franchisenemers is Jim Wuijster van de vestiging op Zuidplein, die opvalt door zijn enthousiasme en aanstekelijke verkooptechnieken. Is dat ook wat jullie de afzonderlijke filiaalmanagers willen laten uitstralen?

Wesley: ‘Jim vertegenwoordigt op een goede manier ons zogenoemde Patat-DNA, waarbij de P staat voor passie en plezier, de A voor aandacht, de T voor teamwork, de A voor authenticiteit en de T voor theater waar Bram het al eerder over had. Als medewerker kun je ervoor kiezen om simpelweg je dag vol te maken of er een feestje van te maken. Wij gaan uiteraard voor dat laatste.’

Rocco: ‘In 1987 zijn onze eerste winkels ontstaan en we geven mensen de kans om van verkoopmedewerker op te klimmen naar leidinggevende die op termijn de winkel overneemt en onder onze naam in eigen beheer verder gaat. Op die manier bestaan er nu al vele winkels die patat verkopen maar ook een concept waarbij we de stoven, door Herman den Blijker ontwikkeld, aanbieden in de vorm van gourmets.’
 

Inmiddels ook buiten Rotterdam…

Rocco: ‘We zitten nu ook in Tilburg, waar men eerst wel even wil zien wat die jongens van boven de rivieren precies komen doen. En we zijn ook de andere kant op gegaan, bijvoorbeeld naar Utrecht. Daar kom je weer medewerkers tegen die strikt op tijd komen, exact op tijd weer naar huis gaan en alle regeltjes kennen. Rotterdammers willen nog weleens te laat komen maar werken ook langer door als het moet. Zo zie je overal verschillen.

Bram Ladage in het nieuwe Feyenoord-stadion, zou dat wat zijn?

Wesley: ‘Daar hebben we wel over nagedacht maar uiteindelijk is twee keer drie kwartier op slechts zeventien wedstrijddagen toch te kort om de kwaliteit van ons versproduct op zo’n locatie te kunnen bieden. Bovendien stroomt het stadion sneller leeg wanneer er is verloren dan wanneer de tegenstander met 3-0 wordt opgerold. Het zou een mooie locatie zijn maar voor het product dat wij willen bieden is een plek in de stad uiteindelijk toch beter. Of er moet een plek komen waar je elke dag terecht kunt, zonder afhankelijk te zijn van een Eredivisie-speelschema.

Meer nieuws