18-09-17

Wat te doen met DGA pensioen?

Wat moet je met je in het eigen bedrijf opgebouwde pensioen doen: tegen gunstig tarief voortijdig afkopen of niet? Aan het beantwoorden van die vraag hadden Chris Spanjersberg (tax partner) en Charlotte van Oorschot (tax consultant en estate planning-specialist) van Meijburg & Co de afgelopen maanden hun handen vol. Heel wat cliënten worstelen ermee.

Sinds 1 april 2017 bestaat de mogelijkheid tot deze keuze op basis van nieuwe wetgeving. Dat is niet eenvoudig, aldus Chris en Charlotte. ‘De situatie is voor iedere ondernemer anders. Elke situatie vereist dus maatwerk.’ 
Een directeur-grootaandeelhouder (DGA) met zijn eigen bedrijf in BV-vorm mocht tot voor kort in zijn eigen vennootschap pensioen opbouwen: pensioen in eigen beheer (PEB). Charlotte: ‘Dat was aantrekkelijk. De onderneming hoefde geen pensioenpremies te betalen, maar de ondernemer kon wel pensioen opbouwen. Dit leverde voor de onderneming direct een aftrekpost op voor de vennootschapsbelasting, terwijl de ondernemer pas bij ingang van het pensioen inkomstenbelasting over de uitkering hoefde te betalen.’

In de klem
In de loop der jaren werd het steeds minder interessant voor DGA’s om op deze manier pensioen op te bouwen. Chris: ‘Een belangrijke oorzaak is de verlaging van het tarief in de vennootschapsbelasting: in vroegere jaren 42 procent, maar inmiddels gedaald naar 20 procent over de eerste 200.000 euro winst, en daarboven 25 procent. De aftrekpost levert daardoor tegenwoordig veel minder op.’
Door de flink gedaalde rente levert het uitstellen van belastingbetaling naar latere jaren ook minder voordeel op. ‘Bovendien zorgt de lage rentestand voor een hoge pensioenverplichting in de BV’, zegt Chris. ‘Hierdoor komt de onderneming snel klem te zitten. Dat kan een probleem zijn bij het aantrekken van financiering of bij een mogelijke overname. Ook de ondernemer zelf heeft een probleem: hij kan het geld niet als dividend uit de onderneming halen, want de belastingdienst stelt dan al snel dat het pensioen voortijdig wordt geïncasseerd, en dat levert een strafheffing op van maximaal 72 procent.’

 De nieuwe wet: uitfasering PEB
De nieuwe wet, die op 1 april 2017 in werking trad, houdt in dat de verdere opbouw van pensioen uiterlijk op 1 juli 2017 moest zijn gestopt. Verder zijn er drie mogelijkheden gekomen voor het inmiddels opgebouwde pensioen: fiscaal aantrekkelijke afkoop, omzetting van de bestaande pensioenrechten in een oudedagsverplichting (ODV), of het op de normale wijze afwikkelen van het pensioen, maar dan zonder verdere opbouw.
Zowel bij afkoop ineens als bij omzetting in ODV worden de bestaande pensioenrechten eerst vastgesteld op een lagere waarde (globaal gesproken ongeveer de helft van de werkelijke waarde). Chris: ‘De onderneming wordt op die manier zonder belastingnadeel al bevrijd van een hoge pensioenverplichting, en zit zo dus al minder klem. Bovendien krijgt de ondernemer zo ruimte om geld uit de onderneming te halen als dividend in plaats van als pensioen, en dat kan tegen 25 procent inkomstenbelasting.’
Het verlaagde pensioen kan bij de afkoopoptie vervolgens in één keer in 2017, 2018 of 2019 worden afgekocht. Daarvoor krijgt de ondernemer dan korting op de belasting: 34,5 procent in 2017, 25 procent in 2018 en 19,5 procent in 2019.
Charlotte: ‘In deze afkoopoptie moet dan wel ineens een fors bedrag aan belasting worden betaald. Voor veel ondernemers is dat een probleem: zoveel geld is niet altijd vrij beschikbaar. In dat geval is vaak de omzetting in ODV het alternatief. De hoge verplichting wordt net als bij afkoop verminderd, maar de uitbetaling (en betaling van belasting) wordt dan naar de pensioendatum opgeschoven en dan uitgesmeerd over twintig jaar. Op de korting bestaat dan geen recht meer, maar de belasting wordt pas bij latere uitkering betaald.’

De gevolgen zijn complexer dan het lijkt
Voor een goede keuze moet er dus flink gerekend worden. Maar dat is niet het enige dat telt, waarschuwen Chris en Charlotte: ‘De wijziging van pensioenrechten heeft naast de fiscale gevolgen ook belangrijke juridische gevolgen. Vaak is er ook sprake van pensioenrechten voor de partner van de ondernemer. Een afkoop of omzetting van de bestaande pensioenrechten heeft dan ook gevolgen voor die partner en die moet daarom meebeslissen. In de praktijk betekent dit dat er heel wat vragen opkomen: wat betekent een afkoop van het pensioen bij eventuele echtscheiding of bij overlijden van één van de partners?’
Voor een goede beslissing over de vraag wat te doen met het pensioen moeten die vragen  doorgenomen worden, zegt Chris. ‘Het kan zo maar zijn dat het voordeel van een afkoop omslaat in een belastingnadeel als de ondernemer kort na afkoop zou komen te overlijden. Die afweging moeten cliënten wel maken.’
Bij zo’n belangrijke kwestie moet voor iedere betrokkene het totaalplaatje helder zijn, stellen Chris en Charlotte. ‘Alleen dan kunnen cliënten een weloverwogen beslissing nemen. Het is echter behoorlijk complexe materie, waarbij je rekening moet houden met de fiscale en juridische gevolgen, ook bij scheiden en overlijden.’
‘Bij Meijburg & Co hebben we de kennis hierover in huis en inmiddels al veel ervaring opgedaan met het helder maken van al die verschillende  totaalplaatjes. Voor ons een mooie uitdaging om dat telkens te vertalen naar een maatwerkadvies voor cliënten.’

Meer nieuws