‘Van binnen blijf ik Limburger…’

03-05-19

Emotie heeft bij fiscalist Huub Nacken van PKF Wallast niet snel de overhand.
‘Maar dat is in de familiesfeer wel anders.’
Een gesprek met een Limburger in Rotterdam. Een cijferaar met bèta-binnenkant.
Een man die niet graag in het middelpunt van de belangstelling staat.

Je wordt voor de tweede keer vader!

‘Nog een paar maanden en dan krijgt onze zoon van anderhalf een broertje of zusje. Kinderen veranderen je leven gigantisch. Voordat je ze hebt, krijg je alle clichés om de oren. Dat de poepluiers van je eigen kind niet stinken. Dat je twee seconden baalt als hij je ’s nachts wakker huilt, maar dat je dat compleet vergeet zodra je hem lekker vasthoudt. Inmiddels weet ik dat al die clichés waar zijn. Voordat wij kinderen kregen, vond ik het altijd verschrikkelijk als vrienden mét kinderen over niets anders konden praten. Even verschrikkelijk vind ik het dat ik daar nu zelf volop aan meedoe. Het gebeurt gewoon, zo stom.’

 

Je bent als Limburger al best verrotterdamst?

‘Qua directheid wel, ja. Maar van binnen blijf ik Limburger. Ik wil geen kwaad woord over Limburg horen, dan voel ik me meteen aangesproken. Toen ik net in de Randstad woonde, moest ik er erg aan wennen dat mensen elkaar op straat niet groeten. Dat is in Limburg wel heel gewoon. Als je hier een onbekende op straat gedag zegt, krijg je een rare blik terug. Als je al geen rotopmerking naar je hoofd geslingerd krijgt. Die zuidelijke vriendelijkheid mis ik wel.’

 

Juich je ook harder voor Limburgse voetbalclubs?

‘Schrijf dat maar duidelijk op, dan hoef ik het nooit meer uit te leggen: ik heb helemaal niks met voetbal. Niet met Limburgse en ook niet met Rotterdamse clubs. Maar ik ga wel namens PKF Wallast naar de Feyenoord Business Club. Een mooi, heel groot netwerk, maar die omvang is soms ook een nadeel. Wat dat betreft, pakt Friends in Business dat heel goed aan, met die kleinschalige bedrijfslunches. Dan kun je het echt ergens over hebben in een klein gezelschap en leer je elkaar veel beter kennen.’ 

 

Je bent behalve Limburger ook een bèta van binnen.

‘Klopt! Als ik een beetje mijn best deed op de middelbare school, haalde ik gerust tienen voor de exacte vakken. Ik heb nog even in Delft rondgeneusd voor een technische opleiding. Zelfs bij de minst technische studie, industrieel ontwerpen, kreeg je een overdosis techniek! Hoe fascinerend ook, dat vond ik toch te eenzijdig. Uiteindelijk ben ik fiscaal recht gaan studeren. Kon ik nog steeds met cijfers bezig zijn en puzzelen, maar wel in combinatie met recht.’

‘Ik heb er een specialisatie van gemaakt om fiscale voordelen te verkennen voor innovatieve ondernemers’

 

Mis je de techniek dan niet in je werk?

‘Ik heb een manier gevonden om mijn voorliefde voor techniek in mijn werk te integreren. Bij onze klanten zoek ik altijd naar technische vernieuwing: wat doen zij aan innovatie? Ik heb er een specialisatie van gemaakt om fiscale voordelen te verkennen voor innovatieve ondernemers. Dan kom je automatisch ook meer bij innovatieve ondernemers uit als klant. Wil je daarin het optimale resultaat voor je klant bereiken, dan moet je zo’n bedrijf door en door kennen. Wat is hun strategie voor de toekomst, is Research & Development een speerpunt? Het leuke is dat je door die focus op innovatie een heel andere kijk op je klant krijgt. En in de slipstream van dit soort gesprekken met ondernemers komen dan ook vaak bedrijfseconomische onderwerpen op tafel.’

 

Een drukke baan, een druk gezin. Hoe ontspan je? 

‘Ik vind het fijn om met mijn gezin te zijn, met mijn vrienden en ik kijk graag series. En ik kan nu heel stoer zeggen dat ik elke avond thuis op een roeimachine zit, wat nog waar is ook. Maar het is pas twee weken waar … Sporten heb ik achter me gelaten toen ik fulltime ben gaan werken. Ik hockeyde intensief, maar had daar geen tijd meer voor. Kwestie van prioriteit? Misschien. Ik ga nu liever met mijn zoontje naar de kinderboerderij dan dat ik op het veld sta.’

 

Ben je een rationeel mens?

‘Ik overdenk beslissingen altijd heel ruim. Emotie heeft nooit de overhand. Ik houd bijvoorbeeld erg van auto’s. Pas stonden we bij Oscar Gräper in de zaak. Ik voelde me als een kind in de snoepwinkel. Maar ik zou zo’n auto alleen kopen als ik zo veel geld zou hebben dat ik niet zou merken dat ik het heb uitgegeven. In de familiesfeer is de ratio wel ondergeschikt. Mijn familie kan me emotioneren, in het bijzonder de 90-jarige oma van mijn vrouw. Ze viert elke verjaardag alsof het haar laatste is. We zijn toevallig op dezelfde dag jarig. Ik ben er altijd, want mijn eigen verjaardag vier ik niet. Onzinnig om de datum te vieren waarop je toevallig bent geboren. Ik hou er sowieso niet van om in het middelpunt te staan. Nu moet ik weer op de foto zeker …’

Meer nieuws